De Weerribben

Oldemarkt

Dodovene is de oude naam van Oldemarkt.
In Oldemarkt verhandelden vroeger Friese kooplui boter en biggen. Van hieruit vervoerden beurtschippers de koopwaar. Het Veerhuis met een jacobsschelp in de geveltop is waarschijnlijk rond 1700 ontstaan toen het Mallegat (Marktsloot) voor een tweede keer werd verlengd. Waarom er een jacobsschelp in de voorgevel staat is onduidelijk. Achter het veerhuis heeft nog een huis gestaan met de naam "schippershuis".
Tegenwoordig wordt er op hemelvaartsdag de bekende St. Lambertusjaarmarkt in Oldemarkt gehouden: duizenden kooplustigen wringen zich dan door de nauwe straatjes.

De Broeklanden

De broeklanden waren moerassige veengebieden die vanaf 955 tot het grondbezit van de bisschop van Utrecht (Het Sticht) behoorden. De broeklanden werden door Friezen en Stellingwervers gebruikt als hooilanden en zomerweiden.
In 1309 ontstonden er vijandigheden tussen de bisschop enerzijds en Friezen en Stellingwervers anderzijds over het gebruik van de weiden. Deze strijd werd door de bisschop verloren en de Friezen en Stellingwervers wonnen het recht om deze landen te gebruiken.
In het Benificiaalboek van Friesland van 1545 staat o.a. de volgende tekst: "twe olde schuytenstallanden op Vresenbroek (Friezenbroek) aan den oestijde van den marcksloot". Daarmee worden stukken land op het Oosterbroek bedoeld waar koeien waarvan de eigenaar niet bekent was werden "geschut" (schutstallen).

Sint Willibrordkerk

In de Sint Willibrordkerk aan de Hoofdstraat bevindt zich een beeldengroep "Sint Anna te Drieën"; Sint Anna, Maria en het Christuskind.
In 1915 is dit beeldengroepje in bezit gekomen van de kerk door toedoen van pastoor Scholten van Ameland. Pastoor Scholten, een geboren Oldermarkter, liet na zijn dood het volgende briefje achter:
 
"Ik kocht in 1888 in Oldemarkt van een afstammeling van Albert Fleer een oud eikenhouten gesneden tafereeltje. Het was echter zo geschonden dat ik aanvankelijk niet wist wat het voorstelde. Weldra begon ik te vermoeden dat de hoofdpersoon St. Anna was, waar naast ik meende de heilige maagd en het kindje te zien, terwijl in de bovenhoeken geplaatste beeldjes mij St. Jozef en Joachim schenen te zijn. Bijna alles was echter geschonden. St. Anna was zonder handen en zonder boek, de heilige maagd was geheel zonder kroon en har haarlokken waren voor een deel verdwenen, het kindje had geen hoofd, de rechterarm en het rechterbeen ontbraken bijna geheel. Joachim miste de rechterhand met het boek en alle verf was verdwenen. Ik zond het beeldje naar architect P.J. Cuypers in Amsterdam. Van hem had ik weldra het genoegen te vernemen dat het een zeer interessant groepje was, denkelijk vervaardigd rond 1450. Onder toezicht van de heer Cuypers heeft de heer F. Stoltzenberg te Roermond het merkwaardige tafereeltje opgeknapt en het in een passend kastje geplaatst. Daar voor de hervorming in de protestantse kerk te Oldemarkt een verering van St. Anna in Oldemarkt groot schijnt te zijn geweest, komt het mij voor dat dit werkje niet altijd van een particulier is geweest. Het is hoogst waarschijnlijk dat het zich voor de hervorming bevond op het St. Anna-altaar en dat het omstreeks 1580 in handen van de fam. Fleer is gekomen omdat toen al wat met de R.K. Kerk had te maken uit de hervormde kerk was gegooid. Daar ik niet best van het lieve groepje scheiden kan heb ik het voorlopig in onze kerk (Nes op Ameland) geplaatst, ofschoon het mij passender voorkomt dat het zich in de katholieke kerk van Oldemarkt bevindt. Ik bepaal nu door deze dat na mijn dood de pastoor van Ameland en de pastoor van Oldemarkt door middel van het lot zullen moeten uitmaken of het op Ameland in onze kerk moet blijven ofwel in de parochiekerk van Oldemarkt komt." (brief gedateerd 15-08-1889)
 
Nu nog kunnen we zien dat het lot gunstig is uitgevallen voor de Willibrordkerk in Oldemarkt.

Naast de Willibrordkerk staat het huis met een mooie trapgevel met het jaartal 1637. Hier woonde tot voor kort de familie Muurlink. Deze familie heeft voor Oldemarkt veel betekend.
In de Willibrordkerk staat het door Jacobus en Anna Muurlink geschonken hoofdaltaar.
Het originele wapen van de familie kent één kop en één ster. Maar omdat zij neef en nicht waren (met toestemming van de bisschop getrouwd op 24-08-1876), heeft hun wapen twee koppen en een in elkaar geschoven dubbele ster: te zien links op het altaar. Op de achterkant van het linkerluik staan afgebeeld St. Anna, moeder van Maria en de H. Jacobus de Meerdere. Anna en Jacobus zijn de voornamen van de geefster en gever van het altaar.
St. Anna is te herkennen aan de typische hoofddoek, die ook als "bef" dient.
Jacobus draagt een pelgrimsstaf met drie ringen en het evangelieboek dat verwijst naar het feit dat Jacobus een geloofsverkondiger was.
Sint Jacob in 'e R.K. Kerk