De hoanskrobber De hoanskrobber
 
Hoarnskrobbers binne fûgels fan ferskate iepen lânskipstypen. It foer bestiet út lytse wringedieren (frâl mûzen en sjongfûgels) en ynsekten en wurdt gauris in hiel ein fan it nêst ôf sammele. It binne trekfûgels, dy't oerwinterje yn tropyske oarden.
De soart stiet op 'e Reade List fanwegen it sterk tebekrinnen en de beheinde fersprieding fan de Nederlânse briedpopulaasje.
 
 
"De grauwe kiekendief is in de loop van de eeuw gestaag in aantal afgenomen; van 500-1000 paar rond 1900, 250 paar in 1950 en 50 paar in 1980 tot minder dan tien paar in 1990. Belangrijke oorzaken van deze enorme afname zijn het verdwijnen van grote oppervlaktes heide, stuifzanden en hoogvenen en de ongeschiktheid voor de soort van het hoogproduktieve agrarische landschap, dat ervoor in de plaats kwam. In de duinen spelen vooral versnippering en verstoring een negatieve rol. De grootschalige braaklegging van akkergronden in Oost-Groningen leidde onverwacht tot een - mogelijk slechts tijdelijke - opleving van de soort; daardoor broedden er 10 tot 20 paren.
De meeste broedsels in het braakland hebben alleen een kans van slagen als uitmaaien van de nesten voorkomen kan worden. Samenwerking tussen boeren en vogelaars is hierbij van groot belang, en gelukkig zijn de zaken in Groningen wat dat betreft goed geregeld. Ook elders in het land kan meerjarige braaklegging en een grootschalig extensief perceelsrandenbeheer kansen scheppen voor de soort. Dergelijke projecten dienen dan ook gestimuleerd te worden. Kansen voor een terugkeer naar de oorspronkelijke broedgebieden in Nederland lijken verkeken, daar- voor zijn deze tegenwoordig te arm aan voedsel en nestgelegenheid.
Aantal broedparen in Nederland: 30.

 
Boarne: "IVN Vecht en Plassengebied"